Netwerk gemeenten

Je bent hier: Toolbox voor gemeenten en inwoners » Netwerk gemeenten
Netwerk gemeenten 2018-09-20T09:44:43+00:00

Helpdesk

Op deze pagina kunnen gemeenten vragen stellen over het provinciale beleid met betrekking tot:

Vragen?

Stel je vraag via de mail hier.

Provinciaal ruimtelijk beleid voor het NNN

Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een landelijk netwerk van bestaande en nog te realiseren natuurgebieden. Het is bedoeld om de biodiversiteit in Nederland te behouden en zo mogelijk te verhogen. Het NNN omvat in Noord-Holland ca 56.000 ha, waarvan ca 6.000 ha nog niet is gerealiseerd en nu veelal nog in agrarisch gebruik is. 
De provincie zorgt voor realisatie van de laatste 6.000 NNN, voor het beheer van het gerealiseerde NNN en ook voor de planologische bescherming van het gehele NNN. De begrenzing van het NNN is vastgelegd op kaart 4 (ecologie) bij de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV). De planologische bescherming verloopt via artikel 19 van de PRV. Ook de natuurverbindingen, die tot doel hebben om natuurgebieden met elkaar te verbinden, worden via dit artikel planologisch beschermd.

Artikel 19 van de PRV bevat drie hoofdlijnen.

De eerste hoofdlijn is dat gemeenten de begrenzing van het NNN en de natuurverbindingen in het bestemmingsplan moeten opnemen en daarbij regels moeten stellen voor de bescherming, instandhouding en ontwikkeling van  de ‘wezenlijke kenmerken en waarden’ ter plekke (lid 1 en 2).  Deze ’ wezenlijke kenmerken en waarden’ (WKW) zijn per deelgebied uitgewerkt en vastgelegd in bijlage 3 bij de PRV. 

De tweede hoofdlijn is dat bestemmingsplannen (of omgevingsvergunningen die afwijken van een bestemmingsplan) geen nieuwe activiteiten  in het NNN mogelijk mogen maken, die per saldo leiden tot significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden of het oppervlak van het NNN, of van de samenhang binnen het NNN (lid 3), tenzij er een groot openbaar belang is en reëel  alternatieven ontbreken (het ‘nee-tenzij’ beginsel). In dat laatste geval moet de aantasting zoveel mogelijk beperkt worden. Is deze beperking onvoldoende om significante aantasting te voorkomen, dan is aanvullend compensatie nodig (lid 4) .  Hoe de compensatiemoet worden uitgevoerd is vastgelegd in de provinciale Uitvoeringsregeling Natuurcompensatie.

Met ‘per saldo’ wordt bedoeld dat schadelijke activiteiten wél kunnen worden toegestaan als onderdeel van een integraal gebiedsproject, dat in zijn geheel geen significante aantasting veroorzaakt.

Andere schadelijke activiteiten zijn in beginsel niet toegestaan. Een uitzondering kan onder strikte voorwaarden worden  gemaakt voor’ kleinschalige ontwikkelingen’  (zie hieronder). 

De derde hoofdlijn is dat Gedeputeerde Staten de begrenzing van het NNN in de volgende situaties kunnen aanpassen (lid 8):

  • Ten behoeve van de verbetering van de ecologische samenhang of de planologische inpassing van het NNN (‘om ecologische redenen’). Voorwaarden zijn dat de WKW en het oppervlak niet afnemen.
  • Ten behoeve van een kleinschalige ontwikkeling. Voorwaarden zijn dan dat per saldo het oppervlak óf de WKW van het NNN toenemen en het oppervlak in elk geval niet afneemt.
  • Als gevolg van toepassing in een bestemmingsplan van het ‘nee, tenzij’ principe uit lid 4.

Nadere informatie over artikel 19 kunt u vinden in de toelichting bij het artikel.

De gemeente is verplicht om bij bestemmingsplanwijzigingen de PRV toe te passen.

(Sommige nieuwe activiteiten worden niet via een gemeentelijk bestemmingsplan mogelijk gemaakt, maar via rijks- of provinciale plannen. Voor rijks plannen geldt de PRV niet; wel zal het Rijk (zoveel mogelijk)besluiten in overeenstemming met het provinciaal ruimtelijk beleid.  Provinciale plannen moeten uiteraard in overeenstemming zijn met de PRV.)

Op de provinciale website staat een NNN-wijzer die bedoeld is om initiatiefnemers en gemeenten behulpzaam te zijn bij de voorbereiding van besluiten over een voorgenomen activiteit in het NNN.
De provincie wil voorkomen dat zij een zienswijze moet indienen voor een bestemmingsplan dat al in ontwerp is vastgesteld. Daarom is  het van belang dat al in de initiatieffase van een plan voor een activiteit in het NNN overleg tussen gemeente, provincie en eventueel andere relevante partijen. Dan wordt besproken of en hoe het initiatief past binnen de regels uit de PRV. Dit zal in de regel aan de orde komen in het Goede Diensten Overleg dat regelmatig tussen de provincie en de afzonderlijke gemeenten plaatsvindt.

Daarnaast zijn de provinciale medewerkers van de sector Ruimtelijke Ontwikkeling altijd ad hoc te benaderen.

Wegwijzer Natuurwerk Nederland

Ga naar de tool.

Contactpersonen per onderwerp

Subsidies