“Het is niet alleen voedsel. Dat is het vehikel om mensen te laten ervaren hoe je gezond en lekker voedsel produceert.”
Wat begon als een persoonlijke zoektocht van Sanne Smeets naar gezond eten voor het gezin, groeide uit tot een levendige gemeenschap rondom een biologische pluktuin, genaamd Vers aan de Vecht. Het verhaal van Sanne laat zien hoe idealen, doorzettingsvermogen en flexibiliteit samenkomen in een initiatief dat verder gaat dan alleen voedselproductie.
Hoe het begon
Sanne:” Zo’n zeven jaar geleden begon het te knagen. Met jonge kinderen in huis ontstond bij mij de vraag: wat eten we eigenlijk? En waar komt dat vandaan? Die zoektocht naar gezonder, duurzamer voedsel bracht een stroom aan inspiratie op gang. Documentaires en conferenties over nieuwe vormen van landbouw, zoals het Herenboerderijconcept en de film the Biggest Little Farm, maakten diepe indruk op me. Het idee ontstond om dit ook dichtbij huis te realiseren. Maar in de regio bleek dat lastiger dan gedacht. Grond is schaars, boeren hielden vast aan hun land en het financiële model van een coöperatieve boerderij bleek voor sommigen te onzeker.”
Op het moment dat lokale biologische boeren Boy en Wendela Griffioen aangaven één hectare beschikbaar te hebben, moest de initiatiefgroep snel schakelen. In plaats van het opzetten van een Herenboerderij ontstond het idee voor een kleinschaliger, maar toegankelijker model: een groentepluktuin. Met de kartrekkersgroep van zo’n negen mensen werd in korte tijd een nieuwe koers bepaald. “Het is nooit een rechte lijn,” zegt Sanne nuchter. Het oorspronkelijke doel bleef overeind: samen gezond voedsel verbouwen. Alleen de vorm veranderde. Die flexibiliteit bleek cruciaal.

Een vliegende start
Ondanks de beperkingen in Coronatijd was de belangstelling direct groot. Via blogs, video’s en online bijeenkomsten meldden zich al snel zo’n honderd geïnteresseerden. Daarmee kon de pluktuin direct van start met een stevige basis. Op dit moment is Vers aan de Vecht gegroeid naar van zo’n 100 tot 150 huishoudens. Toch ligt de ambitie niet in onbeperkte groei. Juist de kleinschaligheid zorgt voor sterke betrokkenheid en onderlinge verbinding.
Deelnemers, ‘plukkers’ genoemd, kunnen zelf bepalen hoeveel tijd ze naast de vaste contributie bijdragen. Meehelpen op het land is niet verplicht, maar wel populair. Voor velen is het een welkome afwisseling van het dagelijkse werk achter een scherm. Ze zijn dan zo blij dat ze een ochtendje hier in de tuin even lekker buiten mogen werken.
Sanne:” Het is superleuk en leerzaam om hier te zijn. Je leert leuke mensen kennen die ook bezig zijn met gezond voedsel. Het is heel gezellig om gewoon met een groepje hier elke woensdag, vrijdag of zaterdag mee te werken. Je leert heel veel van de tuinders. Maar het hoeft niet. Dus als je een keertje niet komt, is het ook okay.
Het succes zit in die balans: vrijheid, gecombineerd met intrinsieke motivatie. Mensen komen niet omdat het moet, maar omdat ze willen. En juist dát zorgt voor een sterk gemeenschapsgevoel. Toch kijkt de organisatie vooruit. De huidige structuur als stichting biedt stabiliteit, maar voor de lange termijn wordt gedacht aan een coöperatief model samen met boerderij de Groene Griffioen. Een vorm waarin deelnemers mede-eigenaar worden van het geheel: van groentetuin tot veehouderij en voedselbos. Het doel is helder: een toekomstbestendig systeem waarin verantwoordelijkheid en eigenaarschap worden gedeeld. Niet alleen voor nu, maar ook voor volgende generaties.
Meer dan voedsel alleen
Vers aan de Vecht is inmiddels onderdeel van een breder geheel. Het workshopprogramma is ook populair bij niet-plukkers en er komt een voedselbos en zelfs een natuurlijke poel. Daarmee groeit het terrein uit tot een biodivers ecosysteem. De natuur blijkt veerkrachtiger dan vaak gedacht. Waar eerst werd getwijfeld of dit op natte grond mogelijk was, laat de praktijk zien dat herstel en groei snel kunnen gaan, mits de juiste omstandigheden worden gecreëerd.
Toch blijven er obstakels. Toegang tot grond en complexe regelgeving maken het moeilijk om dit soort initiatieven op te schalen. Zo mag landbouwgrond officieel vaak alleen gebruikt worden voor voedselproductie voor dieren, niet voor mensen. Sanne hoopt dat er meer ruimte komt voor maatwerk en nieuwe vormen van landbouw. Bijvoorbeeld via beleid dat andere initiatieven van gezonde lokale voedselproductie actief stimuleert en ondersteunt.

Samen bouwen aan de toekomst
Wat Vers aan de Vecht vooral laat zien, is een bredere beweging. Steeds meer mensen zoeken naar verbinding, zingeving en manieren om samen iets op te bouwen. Waar traditionele structuren verdwijnen, ontstaan nieuwe gemeenschappen. Hier krijgt die beweging letterlijk vorm in de grond. In groenten, bloemen, kruiden, struiken, bomen en mensen die samen groeien en samen verantwoordelijkheid nemen.
Of zoals het treffend werd gezegd:
“Het is niet alleen voedsel. Dat is het vehikel om mensen te laten ervaren hoe je gezond en lekker voedsel produceert.”